Gepubliceerd op 24/08/2017

Nieuwsitem juni 2017

1. Wet DBA opnieuw uitgesteld
De Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (Wet DBA) blijft langer opgeschort. Staatssecretaris Wiebes van Financiën wil onderzoeken of de arbeidswetgeving herzien moet worden, maar laat dit nu over aan een nieuw kabinet. Hij heeft daarom besloten de handhaving tot in ieder geval volgend jaar 1 juli uit te stellen. Dit betekent dat opdrachtgevers en opdrachtnemers tot die tijd geen boetes of naheffingen krijgen als achteraf geconstateerd wordt dat er sprake is van een dienstbetrekking.

2a. Beoogde wijzigingen in 2018 – scholingsaftrek vervalt
Vorig jaar is het belastingplan 2017 aangenomen, waarin is aangegeven dat de scholingsaftrek verdwijnt per 1 januari 2018. De scholingsvoucher moet hiervoor in de plaats komen, maar daardoor vervalt wel de aftrek voor de inkomstenbelasting. Volgens de minister wordt de huidige regeling oneigenlijk gebruikt, bijvoorbeeld voor reiskosten en computers en is volgens de belastingdienst de handhaving van de regeling zeer complex. Voor 2017 verandert er nog niets. De in 2017 betaalde studiekosten zijn na een drempel van € 250 in mindering te brengen op uw inkomen. Met het oog op de (mogelijke) afschaffing is het zodoende verstandig om de eigen planning en studiekosten onder de loep te nemen, wilt u nog profiteren van de huidige belastingvoordelen.

2b. Beoogde wijzigingen in 2018 – lagere percentage Box 3 heffing
Over een forfaitair rendement op uw vermogen per 1 januari bent u 30% belasting verschuldigd, indien dit meer is dan het heffingsvrije vermogen.
Vanaf 1 januari 2017 is het forfaitaire rendement niet meer standaard 4%. Er wordt nu gekeken naar het gemiddeld rendement over de afgelopen 5 jaar op spaargeld (sparen) en naar het gemiddeld rendement over de afgelopen 15 jaar op aandelen, obligaties en onroerende zaken (beleggen). Vanaf 1 januari 2018 gaat de vermogensmix voor “sparen” van 1,63% in 2017 naar 1,30% in 2018. Voor “beleggen” gaat dit van 5,39% in 2017 naar 5,38% in 2018. Voor 2019 wordt een verdere daling verwachten.

Concreet betekent bovenstaande dat de eerste € 25.000 per persoon is vrijgesteld. Vervolgens is het forfaitaire rendement over de volgende € 75.000 een percentage van 2,87% in 2017 en 2,65% in 2018. Over de volgende € 900.000 is het percentage 4,6% in 2017 en 4,52% in 2018. Daarboven is het percentage 5,39% in 2017 en 5,38% in 2018. Bij fiscale partners mag u het gezamenlijke vermogen verdelen op de manier die voor u beiden het voordeligst is.

Voor grote vermogens zijn de wijzigingen in de box 3 heffing een flinke lastenverzwaring. Voor hen is het wellicht zinvol te beoordelen of er alternatieven zijn, zoals het aflossen van een eigenwoningschuld of wellicht het overbrengen van geld naar een besloten vennootschap.

3.Minimumloon wijzigt per 1 juli 2017
De leeftijd waarop iemand recht heeft op het wettelijk volwasseneminimumloon gaat in 2 stappen omlaag van 23 jaar naar 21 jaar. Tegelijkertijd gaat het minimumjeugdloon voor jongeren van 18 tot en met 21 jaar in stappen omhoog. Per 1 juli 2017 is de eerste stap en de 2e stap volgt op 1 januari 2019. De loonsverhoging per 1 juli aanstaande bedraagt voor 18 jarigen 2%, voor 19 jarigen 2,5%, voor 20 jarigen 8,5%, voor 21 jarigen 12,5% en voor 22 jarigen 15%.

4. Afkoop hypotheekverzekering of toch niet?
Bij een spaarhypotheek was de regel dat er tenminste 15 of 20 jaar premie ingelegd moest worden om onbelast vermogen op te bouwen, wat vervolgens werd gebruikt om de hypotheek af te lossen. Sinds 1 april 2017 zijn deze tijdsklemmen vervallen. Dit biedt de mogelijkheid om versneld de hypotheek af te lossen en dus direct minder rente betalen. U moet hier echter mee oppassen. De lijst met nadelen die aan afkoop kleven zijn groter dan de voordelen. Slechts wanneer het einde van een rentevast periode wordt bereikt, zou afkoop gunstig kunnen zijn.

5. Auto van de werkgever en de bijtelling voor privé gebruik
Per 1 januari 2017 is het algemene bijtellingspercentage voor het privégebruik auto verlaagd van 25% naar 22%. Voor auto’s met een datum eerste toelating van vóór 1 januari 2017 blijft het percentage 25%. Dit geldt ook voor auto’s met een bijtellingspercentage van bijvoorbeeld 7%, 14% of 20%, waarvoor de overgangsperiode van 60 maanden is verstreken. Ook dan geldt het percentage van 25%. Er is een proefprocedure gestart met de vraag of er niet sprake is van fiscale discriminatie. De werknemer en ook de werkgever kan bezwaar maken tegen de inhouding van de loonheffing.
De belastingdienst verlangt dat het bezwaarschrift goed wordt gemotiveerd en dat de relevante gegevens worden verstrekt. Of alle vragen wel relevant zijn kan afgevraagd worden, maar toch is te adviseren de gegevens wel te verstrekken. Het Register Belastingadviseurs waarvan ik lid ben, is van mening dat bezwaar maken tegen de aanslag inkomstenbelasting 2017 ook mogelijk moet zijn. Dit is interessant. U hoeft dan maar 1 keer in plaats van 12 keer (bij maandelijkse aangiften loonheffingen) bezwaar te maken.

6. Aangifte schenkbelasting digitaal regelen
De belastingdienst heeft bekendgemaakt dat mensen die een schenking ontvangen, sinds kort ook online aangifte schenkbelasting kunnen doen. De ontvanger van de schenking kan online aangifte schenkbelasting doen door met DigiD in te loggen op Mijn Belastingdienst. Binnen enkele maanden is het ook mogelijk iemand anders te machtigen voor de online aangifte schenkbelasting. Met het formulier “aangifte schenkbelasting 2017” op de site van de Belastingdienst kan ook nog op papier worden gedaan.